Bezwaar tegen parkeerbon loont
Februari 2011 Tegen elke parkeerbon staat een bezwaarmogelijkheid open. Uit onderzoek van het Eindhovens Dagblad blijkt dat wanneer hiervan daadwerkelijk gebruik wordt gemaakt, de kans aanzienlijk is dat de boete wordt kwijtgescholden.Zo verklaarde gemeente Hoogeveen (Drenthe) onlangs 240 bezwaren gegrond; 240 boetes werden kwijtgescholden. Uit voormeld onderzoek blijkt dat een bezwaar tegen een parkeerbon in Helmond een slagingskans van maar liefst 80 procent heeft. In 2010 werden in de gemeente Helmond 364 van de 455 bezwaren gegrond verklaard. In Eindhoven bedraagt de slagingskans ook nog een verdienstelijke 70 procent. In deze gemeente werden namelijk 1.400 van de 2.000 bezwaren gehonoreerd.
Volgens woordvoerders van de gemeentes Helmond en Eindhoven schijnt het niet gemakkelijk te zijn te frauderen. De vraag is echter in welke gevallen en op welke gronden een bezwaar wordt gehonoreerd. Zo werd een beroep gegrond verklaard door het gerechtshof Arnhem omdat de aanwijzingen op parkeermeter onduidelijk waren. Bij deze parkeerautomaat kon maximaal ter waarde van één gulden geparkeerd worden, terwijl de mogelijkheid werd geboden met een rijksdaalder te betalen. Betaalde de parkeerder met een rijksdaalder dan was hij een bedrag van f 1,50 kwijt, omdat de parkeerautomaat niet was toegerust om het bedrag van f 1,50 terug te betalen. Hij mocht in dat geval echter niet langer parkeren dan een parkeerder die f 1,00 betaalde. In de zaak die voor het gerechtshof speelde, had de parkeerder een rijksdaalder ingeworpen, waardoor hij in de veronderstelling verkeerde dat hij voor de waarde van een rijksdaalder mocht parkeren. Hierop kreeg hij een parkeerbon. Het bezwaar tegen de parkeerbon werd gehonoreerd aangezien, naar het oordeel van het hof, de aanwijzingen op de parkeerautomaat onduidelijk waren.
Controleurs dienen zich tevens aan het vastgestelde gemeentelijke beleid te houden. Indien zij in strijd met dit beleid een parkeerboete uitschrijven, kan een bezwaar hiertegen leiden tot gegrondverklaring. Zo beslisten in elk geval het gerechtshof Arnhem in 2004 en het gerechtshof 's-Gravenhage in 2010. In het eerste geval zou krachtens het gemeentelijk beleid vijf minuten na het verstrijken van de parkeertijd moeten worden gewacht alvorens een parkeerboete kon worden uitgeschreven. De betreffende controleur hield zich niet aan dit beleid en schreef voor het verstrijken van deze vijf minuten een parkeerbon uit. Het beroep dat hiertegen werd ingesteld werd door het Hof gegrond verklaard. In het tweede geval zou krachtens gemeentelijk beleid iedere parkeerder voor elke eerste parkeerbon per jaar een vermindering op een parkeerboete mogen betalen. Ook in dit geval werd niet gehouden aan het geldende beleid, dat tevens tot een gegrondverklaring van het tegen de parkeerbon ingestelde beroep leidde.
De rechtbank Middelburg verklaarde tot slot het beroep van een parkeerder gegrond die was beboet omdat volgens de parkeercontroleur het parkeerkaartje niet zichtbaar in de auto aanwezig was. De parkeerder betoogde dat hij destijds wel had betaald om daar te mogen parkeren en overlegde ten bewijze van zijn stellingen ter zitting zijn parkeerkaartje. De rechtbank oordeelde dat de parkeerder voldoende bewijs had geleverd dat hij aan zijn betalingsverplichting had voldaan en overwoog in dat verband dat de geldende Verordening parkeerbelastingen 1992 van de gemeente Vlissingen, waarop het handhavingsbeleid inzake parkeren is geregeld, niet vereist dat een parkeerkaartje daadwerkelijk zichtbaar in de auto moet liggen.
Zoals uit het voorgaande blijkt is het erg afhankelijk van de feiten en omstandigheden van het concrete geval of een bezwaar of beroep een reële kans op succes heeft. Maar in elk geval is het erg zinvol om het gemeentelijk beleid met betrekking tot parkeren erop na te slaan. Zoals uit het bovenstaande blijkt leidt dat meer dan eens tot de conclusie dat de parkeerboete ten onrechte is uitgeschreven.
Wilt u ook bezwaar indienen tegen een parkeerboete, houdt u dan rekening met de (formele) vereisten van het bezwaarschrift. Krachtens artikel 6:5 lid 1 van de Algemene wet bestuursrecht dient het bezwaarschrift te worden ondertekend en dient het de naam en het adres van de aanvrager, de dagtekening, een omschrijving van het besluit waartegen het bezwaar is gericht en de gronden van het bezwaar te bevatten. Misschien nog belangrijker is echter dat het bezwaarschrift tijdig moet worden ingediend. Artikel 6:8 van de Algemene wet bestuursrecht bepaalt dat voor het indienen van een bezwaarschrift een indieningstermijn van zes weken geldt.
Bron: http://www.ed.nl/regio/eindhovenstad/8123166/Bezwaar-tegen-parkeerbon-loont.ece
