Wijziging competentiegrens kantonrechter
Juni 2011 Ondanks enige vertraging wegens kritische vragen vanuit de Eerste Kamer in november 2010 heeft de Eerste Kamer op 20 mei 2011 ingestemd met het wetsvoorstel Evaluatiewet modernisering rechterlijke organisatie. Door de aanname van dit wetsvoorstel wordt de competentiegrens voor de sector kanton verhoogd van € 5.000,00 naar € 25.000,00.Met de wetswijziging beoogt de overheid de rechtspraak een stuk toegankelijker te maken. Immers, de particulier en de ondernemer kunnen in meer zaken zelf procederen en zijn dus niet meer verplicht een dure advocaat in te schakelen, aldus samengevat.
De competentie van de kantonrechter
De kantonrechter is niet bevoegd om alle juridische geschillen te behandelen. Uit het Wetboek van burgerlijke rechtsvordering vloeit voort dat hij geschillen mag behandelen van een bepaalde soort of tot een bepaalde waarde. Dit wordt ook wel aangeduid als de competentie van de kantonrechter.
Zo mag de kantonrechter bijvoorbeeld alle geschillen met betrekking tot een arbeidsovereenkomst of huur en lease behandelen, ongeacht de hoogte van het financiële belang dat daarmee gemoeid is. Dit zijn zogenoemde aardvorderingen. Naast deze categoriebestaan de zogenoemde waardevorderingen. Bij dat soort vorderingen (als zij niet al kwalificeren als een aardvordering) is in beginsel alleen de hoogte van het financiële belang bepalend voor de competentie van de rechter. Op deze regels zijn enkele uitzonderingen denkbaar, bijvoorbeeld ingeval van samenloop van meerdere (soorten) vorderingen.
Wijziging competentiegrens
Tot nu toe is de competentiegrens van de kantonrechter voor waardevorderingen bepaald op een bedrag van € 5.000,00. Voor de bepaling van het financiële belang moet ook de wettelijke of contractuele rente tot aan de dag van dagvaarding worden meegenomen. Particulieren en bedrijven mogen in dat soort zaken zelf (in persoon) procederen en zich zelf ter zitting vertegenwoordigen (eventueel vergezeld door een adviseur die geen advocaat is). Alle waardevorderingen met een belang dat dit bedrag te boven gaat moeten worden aangebracht bij de sector civiel van de rechtbank. Daarvoor is volgens de wet verplichte inschakeling van een advocaat vereist.
Met de wetswijziging wordt die grens verhoogd naar een bedrag van € 25.000,00. Met andere woorden, de mogelijkheid om in persoon te procederen zonder dat een advocaat moet worden ingeschakeld wordt flink verruimd.
Overigens wordt niet alleen de competentiegrens voor waardevorderingen verhoogd, maar de kantonrechter wordt ook bevoegd in zaken met betrekking tot consumentenkoop en consumentenkrediet.
De datum vermoedelijke datum van inwerkingtreding van het wetsvoorstel is 1 juli 2011, althans zo valt vooralsnog af te leiden uit een brief van de minister van veiligheid en justitie de dato 16 mei 2011.
Tot slot
Door de wetswijziging kunnen rechtzoekenden in meer zaken zelf procederen en behoeven zij geen advocaat in te schakelen. De vraag is of de rechtzoekende dan wel de rechtspleging daarmee is gebaat. Het is te gevaarlijk om de noodzaak tot inschakeling van een advocaat alleen te laten afhangen van de vraag of dit al dan niet een wettelijke verplichting is. Met name de juridische deskundigheid en proceservaring van een advocaat kan van significant belang zijn voor het welslagen van een juridisch geschil dan wel het beoordelen van de slagingskans en het volgen van de juiste processtappen. Zoals in zovele gevallen zal de toekomst ons leren.
Custos Advocatuur adviseert u graag over de vraag of het al dan niet verplicht is om een advocaat in te schakelen en wisselt graag met u van gedachten over de meerwaarde van onze ondersteuning in juridische vraagstukken, ongeacht het financiële belang van de zaak..
Het wetsvoorstel en de vergaderstukken kunt u vinden op de website van de Eerste Kamer der Staten-Generaal via deze link.
